Sabine & Gerard Jipping
In gesprek met ... Sabine en Gerard Jipping
Vijf nesten zijn er tot nu toe gevallen in de nog jonge 'El Harakat'-kennel van Sabine Jipping. Ooit begonnen met honden uit de Nausikaa's en Razmundah kennel is zij met hart en ziel verknocht geraakt aan de Afghaanse Windhond. De eerste kampioenen in de kennel zijn Chirana, Dyma en de reu Chamier, die sinds kort zijn eerste nakomelingen heeft in Zweden.
Gerard is ook zeer actief binnen de kynologie. O.a. is hij voorzitter van de NVOW en de Raad van Beheer en verder keurmeester van de Afghaanse windhond, Deerhound en sinds kort de Ierse Wolfshond.
Genoeg aanknopingspunten voor een interessant gesprek, wat plaatsvond op een mooie nazomerse dag in augustus.

Sabine Jipping with two pups from the E-litter

Hoe zijn jullie met het ras in aanraking gekomen?
Sabine; Heel toevallig eigenlijk. Mijn zuster wilde in 1976 een poedeltje nemen. Gerard is met haar naar een fokker gegaan en hij zag daar naast vele diverse honden een heel zielig hondje in een weiland liggen. Omdat Gerard geen idee had wat het was vroeg hij de fokker wat het voor hond was. Een Afghaan vertelde de man hem. Een Afghaan, daar had Gerard nog nooit van gehoord. Gerard kwam thuis en vertelde mij dat hij daar dat hondje in het weiland had zien liggen. De fokker was een echte handelaar, achteraf ging het om een broodfokker, is naar ons toe gekomen en nam de poedel en dat hondje mee. Ook bij ons in huis ging hij heel zielig in een hoekje liggen. Ik was toen nog wel wat bang van honden, maar ging hem aanhalen. Toen de fokker weg wilde gaan, zei ik: 'Maar de Afghaan gaat niet mee, want die heeft Gerard gekocht'. Gerard had op dat moment nog niets gekocht. Maar het hondje mocht van mij niet meer weg. We betaalden toen 250 gulden met een zo genaamde stamboom. Toen we iets verder in de kynologie waren, kwamen wij erachter dat er nooit een stamboom had bestaan. De Afghaan was 'onze' Baliki. Hij bleek al bijna twee jaar oud te zijn. Hij was al geplaatst geweest, maar daar had hij het niet goed gehad. Dierenbescherming en politie hebben hem bij de eerste eigenaar weg gehaald en terug gebracht naar de fokker.
We kenden het ras helemaal niet. Wij kenden in die tijd ook niemand met een afghaan dus je leert het ras kennen met vallen en opstaan. Hij loopt weg en luistert niet, waarom luistert hij dan niet! Enz..
Toen hij 10 jaar later is overleden, zijn we gaan kijken in boeken wat voor hond we dan wilden. We waren al een tijdje aan het kijken naar een andere ras, toen we uiteindelijk tegen elkaar zeiden: 'We zijn wel aan het zoeken, maar vinden geen ras wat we willen!' Het was gewoon Baliki, de Afghaan waar we voor vielen. Later realiseer je je dat het karakter datgene is wat je aanspreekt. Het zelfstandige, 'Ik red mezelf wel'.
Mijn ouders zeiden altijd: 'Die honden bij jullie zijn net zo eigenwijs als jullie.'
Wie was jullie tweede Afghaan?
Sabine; De tweede Afghaan was Elrani Razmundah. We vonden hem via het maandblad 'Onze hond'. Daar stond een kleine advertentie in. Eerst hadden we nog contact gehad met mevrouw Hemmechien Grevelt van de El Kharaman kennel, maar die had alleen nog een teefje, maar wij wilden graag een reu. Zo zijn we toen bij Ida van de Sluis-Gommers van de Rhazmundah kennel terechtgekomen. Mede door Ida kregen wij meer belangstelling voor de tentoonstelling. We wilden er graag nog een hond bij, omdat we dat beter vonden voor Elrani. Wij wilden weer een puppy halen bij Ida, want die had op dat moment een nest liggen. Maar tegelijkertijd lag bij Rita Urlaub (Nausikaa's kennel uit Duitsland) het bekende L-nest, waar Ida zelf een hond vandaan wilde hebben. Zij is samen met Hemmechien Grevelt naar dat nest wezen kijken. Zij vertelde ons, en dat vind ik nog steeds heel knap van haar, dat haar nest heel mooi was, maar dat we beter een hondje uit het nest van Rita konden nemen. Zij en Hemmechien hadden zelfs al een puppy voor ons uitgezocht , dat was dan onze derde afghaan de later zeer bekende Nausikaa's Laran.
Hadden jullie toen al plannen om zelf te gaan fokken?
Sabine; Nee, we hadden er natuurlijk wel eens over gesproken. Zo'n tien tot vijftien jaar geleden zag je de honden veranderen en toen bedacht ik dat ik dit type graag wilde behouden. Bij toeval konden wij Hadischa Razmundah krijgen, omdat Ida al haar honden nood gedwongen moest wegdoen. Rita raadde ons toen aan om met deze mooie teef te gaan fokken. Zij werd een hele goede basis voor onze kennel.
Hoe is de kennelnaam ontstaan?
Sabine; Harakat betekend in het afghaans vooruit. Volgens het Afghaans had we eigenlijk moeten kiezen voor "Az Harakat" wat vrij vertaald zoveel betekend als "de vooruitgang". Wij hebben dat een beetje verbasterd en er "El Harakat" van gemaakt.

Met Hadisha Razmundah fokten jullie het eerste nest. Kun je haar beschrijven?
Sabine; Een prachtig type afghaan met een perfect gangwerk en een krachtig lichaam. Een meisje waar niets mis aan was, met andere woorden een uitmuntende rasvertegenwoordigster. We hebben haar maar enkele keren uitgebracht, maar ze heeft altijd gewonnen. Maar we hebben haar weinig uitgebracht omdat we graag met haar wilden fokken. Ze was zo mooi en in niets overdreven.
Kun je wat over de combinaties vertellen, die je tot nu toe hebt gedaan? En hoe ze tot stand zijn gekomen?
Sabine; Bij ons eerste nest met Hadisha ging het eigenlijk tussen Merlin von Katwiga en Nausikaa's Rih, die in ons eigen bezit stond. Rih wilden we in ieder geval nemen, omdat we hem zelf een mooi type hond vonden. Ook wat achter hem in de stamboom zit vonden we heel mooi. We hebben toen besloten eerst Rih te nemen. Stel dat er wat met hem zou gebeuren, dan was je dat kwijt geweest. Wij vonden het L-nest van Rita heel mooi, misschien zelfs wel één van de mooiste nesten in die tijd. En daar fokten we op terug. De vader van Rih was Laran en de vader van Hadischa was Landishu, de broer van Laran. Wat volgens ons uit die combinatie moest komen is er ook uitgekomen.
Daarna hebben we dus Merlin genomen. Ik heb hem ooit gevoeld en wat ik toen voelde heb ik nu nog in mijn hoofd en kan ik je zo nog met de ogen dicht weergeven. De botten, de schouder, alles was heel mooi. Een heel mooi gangwerk.
De derde combinatie is Akirah el Harakat, uit ons eerste nest met Yoshua von Katwiga. Ik heb ook naar Yaboon, de broer van Yoshua gekeken. Één van de twee moest het worden en op een gegeven moment moet je de knoop doorhakken. Eigenlijk hetzelfde als met Merlin ook weer een mooi lichaam en een prachtig gangwerk. En toch ook een ietsie pietsie bloedverversing. Ik fok niet zoveel en kan daarom niet allerlei combinaties uit proberen. Het Y-nest van Katwiga heeft zich bewezen, terwijl er toch wat vreemd bloed in zit. Het paste perfect bij Akirah, precies in de lijn die we graag wilde hebben. Je maakt op zo'n moment eigenlijk een beetje gebruik van de kennis van een collega fokker.
Urkan el Kharaman heb ik gebruikt voor mijn vierde nest. Urkan is een hele degelijke reu. Een enorm lichaam, een enorme body en botten en een heel degelijk gangwerk. Ik vind hem een hele ouderwetse reu en dat heeft hij ons gelukkig ook gegeven. Daar ben ik heel blij mee. Het hele nest zijn hele ouderwetse honden. Als ik Dyma op de tafel heb en er komt wat wind, pak dan maar een boek met foto's van afghanen van Eta en je zal ze erin zien staan. Daar ben ik heel blij mee. We hebben bij ons het zogenaamde A en het C-lijn en het B en het D-lijn. Het is natuurlijk een keer de bedoeling om die twee lijnen samen te brengen. De voordelen die je hebt van de honden die je binnen gehaald hebt, of dat nou gangwerk is of pigment of oerdegelijke typische hond is, die probeer je bij elkaar te halen.
We hebben heel lang gekeken welke reu geschikt was voor Chirana. Zij is natuurlijk een hele mooie teef. We hebben wat langer over Azaru nagedacht. Hij heeft zijn tijd nodig gehad. Als je hem in de ring ziet, met een air en elegantie. Het hoofd hoog gedragen, met een goed uitgrijpend gangwerk en daarbij een goede body. Daarnaast is het een goede werkhond, met prachtige ouders in zowel show en renwereld. Het zijn twee honden die zich durven te laten zien met hoog opgeheven hoofden en een goede performance. Ik verwacht dan ook zeer veel van mijn E-nest.
Hoe selecteer je de pups? Waar let je op?
Sabine; Allereerst bekijk je natuurlijk het hele nest. Verder wat is voor je zelf belangrijk, wat heb je nodig. Het komt erop neer dat je gaat kijken, kijken en nog eens kijken. Je kijkt naar houding, het type, naar gangwerk. Later ga je ook op meer typische kenmerken letten, zoals voeten, voorborst enz.
Het karakter is ook heel belangrijk. Als ik een nest zou hebben wat terughoudend is, zou ik dat niet fijn vinden. Ik probeer ook uit ieder nest de passende hond bij de nieuwe eigenaren te zoeken, waarbij ik de karakter eigenschappen zeer belangrijk vindt.

Welke speciale raskenmerken vind je belangrijk en wil je behouden of verbeteren?
Sabine; Er zijn fokkers die echt op type fokken en dat willen behouden. Wat mij zelf stoort, is dat er steeds meer mensen overgaan op extremen. Alles moet extra show, extra lang haar, extra lange hals. Er wordt niet meer naar de kaken gekeken. Smalle kaken, geen mooie schedel met jachtknobbel. Te kleine voetjes. Extreme hoekingen. Zo kun je doorgaan…
Ik houd van stevige honden met mooie hoofden. Mooie schedels met mooie jachtknobbel. Snuit mooi breed van opzij gezien. Een mooie halslengte, niet te extreem.
Een mooie rugbelijning. Mooie stevige botten. Grote voeten. Heel veel voorborst en borstdiepte. Heel degelijk, niet te extreem lang op de benen, maar gewoon heel degelijk.
Ik wil geen overdreven honden, maar proberen te behouden wat er vroeger al was. Een werkhond met stevige kaken.
Jullie staan bekend als liefhebbers/voorstanders van het oude type. Is dat het enige juiste type?
Sabine; Waren er vroeger meerdere types dan? Vroeger waren er net zoveel types. Je had de bergafghaan en de vlakteafghaan. Sommigen zeiden dat, dat twee aparte rassen waren. Ik kan me dat niet zo voorstellen. Ik heb ooit gezegd : 'De bergafghaan zat onder aan de berg en de vlakteafghaan kwam onder aan de berg. Ze kwamen bij elkaar en dekten elkaar'. De fokker of eigenaar wilde die hond hebben die voor hem goed was. Het maakte hem verder niet uit waar die vandaan kwam. Zo waren er in die tijd al meerdere types. Ik heb als fokker een bepaald type voor ogen en dat is voor mij het enige type.
Hoe heeft zich naar jullie mening de Afghaanse Windhond in de afgelopen 10/15 jaar ontwikkeld in positieve dan wel in negatieve zin?
Sabine; Tien/vijftien jaar geleden had je veel mooie honden van ons type. Het kringetje is kleiner geworden omdat met ander bloed en andere types gefokt wordt. Mijn moeder zei altijd al 'Bij een ander is het altijd lekkerder'. Op een of andere manier blijkt het nu ook zo te zijn bij keuzes die men soms maakt voor de fok. Wat is er nu verkeerd aan de dingen die je hebt. Wat is er verkeerd aan de hond die je thuis hebt. Is het een Afghaan? Ja. Is hij goed gebouwd? Ja. Heeft hij die typische kenmerken die hij moet hebben? Ja. Wat is dan de reden om een heel andere hond te nemen voor je teef? Het enige antwoord wat ik altijd krijg is we moeten bloedverversing hebben. Maar ik heb respect voor ieder zijn of haar keuze, zoals de ander respect heeft voor mijn keuze. Ik denk dat we ons allemaal ook moeten afvragen wat we met een outcross kunnen binnen halen, wat we vaak niet vooraf weten.
Met Afghaanse Windhonden zijn we heel gelukkig gesteld, vooral ten opzichte van andere rassen. Dit omdat we zo weinig problemen en ziektes in het ras hebben. Dit hebben we te danken aan de fokkers die voor ons waren. Alleen maar omdat ze hard hebben geselecteerd. Dat heeft geresulteerd in een prachtige, sterke hond. Zonder veel ziektes.
Mensen zouden er veel meer bezig moeten zijn met de vraag Waarom fok ik eigenlijk? Fok ik om iets te behouden of iets te betekenen voor het ras?
Binnen het oude type wordt in een klein kringetje gefokt. Zijn jullie niet bang voor inteeltproblemen?
Sabine; Zie ook het antwoord op de vorige vraag. Tien jaar geleden had ik gezegd, het wordt steeds minder. Maar op dit moment denk ik weer dat er toch nog wel mooie honden, van het type waar ik van hou rondlopen, als die mensen die ermee fokken het maar volhouden. Er zijn ook wel weer mensen die terugkomen en mensen die er bij komen. Je moet niet te nauw gaan fokken, want dan krijg je verfijning. In het kringetje wat er is, moet je goed je ogen openhouden. Dan maar een hond nemen die niet dat is wat je helemaal voor ogen hebt. Volgende keer beter.
We moeten eigenlijk veel breder kijken. Er zijn fokkers die hebben een andere reu gebruikt en die zeggen wacht maar af hoe dit zich verder ontwikkeld. En aan de andere kant zijn er fokkers die hebben een bepaalde richting gekozen en die komen nu toch terug. Ik ben er op zich niet zo bang voor. Het is bij iedere fokker zo. Je moet wel opletten welke lijn haal je er één keer in, welke twee keer enz. Waar wil je op een lijn terug fokken en waar wil je niet op terugfokken. Dat de populatie waar we mee fokken niet groot is, is duidelijk. Ze zitten in de hoofdzaak in Nederland, Duitsland, België en misschien nog een enkel ander land. Ik ben er van overtuigd dat als we het goed aanpakken met elkaar, met goed kijken naar elkaars fokproducten en met elkaar durven te overleggen dat we het oude type in stand zullen houden. . Zonder dat wij daarmee in de problemen komen met ziektes verfijning enz.
Maar, als je een kleine populatie hebt, moet je voorkomen dat je door het veelvuldig inzetten van een bepaalde reu, uit wat voor lijn dan ook, je je op een of andere manier vast gaat zetten.

Kun je je ideale Afghaan beschrijven?
Sabine; Ik zal met het hoofd beginnen. Het moet een krachtig hoofd zijn. De ogen moeten in de schedel niet naar opzij gaan. Er moet toch nog wat stop zijn. Een mooie schedel met achterhoofdsknobbel. Een krachtige hals die heel mooi in de bovenbelijning overgaat, een bovenbelijning met goede dip en krachtige lendenen overlopend naar een mooi verbredende kroep. Een mooie staart met een mooie lengte, reikend tot aan de hak. Een ring zou mooi zijn maar is voor mij niet het belangrijkste. Mooi schuin liggende schouder en wat ik belangrijk vind is dat de voorhand en de achterhand evenredig goed gehoekt zijn. Een mooie diepe borstkast die oploopt naar de lendenpartij. Diepe en ruime borstkast zodat hart en longen goed de ruimte heeft, want het is tenslotte een werkhond. Mooie hoekingen en een lage hak. Stevige botten en grote voeten. Goed karakter. Krachtig en veerkrachtig in het gangwerk. Ik wil dus niets extreems, maar gewoon een mooi en degelijke afghaan.
Noem is een paar honden die indruk op je maken of gemaakt hebben?
Sabine; Er zijn er meerdere waar ik van zeg dat vindt ik nou mooi, maar om een paar te noemen; Dabur el Resna Hadi, Hedon el Kharaman, Akari von Katwiga, Hanefa el Jafistan. Dit zijn er een paar die mij zo te binnen schieten, maar er zijn er veel meer die een positieve indruk bij mij hebben achter gelaten.
Gerard; De eerste afghaan die op mij veel indruk maakte was Ursus von Katwiga. Toen ik hem voor het eerst zag, dacht ik zo'n afghaan wil ik ook graag. Vlak daarna ging mijn wens in vervulling en kreeg ik Nausikaa's Laran. Laran heeft zo'n indruk bij mij achter gelaten, dat ik mij in de toekomst niet meer kan voorstellen zonder afghaan door het leven te gaan.
Wat vind je van kleur bij Afghanen?
Sabine; Alle kleuren zijn goed. Ik ben alleen zelf niet zo gecharmeerd van brindle. Zwart vind ik mooi, maar dan moet het niet zo grauwig zijn. Black en Tan vind ik ook mooi, maar dan wel met een mooie tanverdeling.
Wat doe je aan vachtverzorging?
Sabine; Niets bijzonders eigenlijk. Ik hou altijd bij, wie wanneer gebaad wordt, dat schrijf ik allemaal op. Daar kan tot vier weken tussen zitten. Of als ze echt beginnen te klitten, vooral op jeugdige leeftijd, dan doe ik ze iedere week. Ik gebruik alleen shampoo en cremespoeling en dat bevalt prima.
Wat betekent de NVOW voor jullie?
Sabine; Ik vind het bestaan van de NVOW heel belangrijk als rasvereniging. Ik vind het ook goed dat ze het behoud van de rassen hoog in het vaandel hebben. Verder is het goed dat ze speciale rasdagen organiseren. Jammer is misschien dat er over het algemeen weinig mensen op af komen. Je leert er heel veel en je kan ook wat dichter tot elkaar komen.

Gerard, je bent behalve keurmeester ook voorzitter van de NVOW. Wat voor bezigheden heb je nog meer binnen de kynologie?
Gerard; Ik ben begonnen in Duitsland om me in te zetten voor verenigingen. In Haan Hochdahl ben ik de eerste buitenlandse Sonderleiter geweest en heb ik ook als eerste sonderleiter een twee daagse zuchtschau georganiseerd. Ook ben ik daar tweede voorzitter en Ereraadvoorzitter geweest.
Later, in 1991 werd ik door leden van de NVOW benaderd of ik niet in het bestuur wilde komen. Veel mensen vonden mij toen nog veel te jong voor een bestuursfunctie en ben in 1991 dan ook niet gekozen als bestuurslid. Een jaar later ben ik gekozen als voorzitter van de NVOW.
Vanaf 1993 heb ik in diverse besturen en commissies gezeten. Zo heb ik gezeten in de geschillencommissie van de Raad van Beheer en was ik voorzitter van de rasgroep windhonden. Daarnaast heb ik heel veel ad-interim voorzitterschappen gedaan bij verenigingen die in problemen zaten en was ik lange tijd voorzitter van een Kynologen Club en van een Tentoonstellingsstichting. Keurmeester ben ik voor de Afghaanse Windhond, Deerhound en sinds kort ook voor de Ierse Wolfshond.
Sinds ik in het bestuur van de Raad van Beheer ben gekomen, heb ik een aantal functies minder. Op dat moment heb ik gezegd, ik stop overal mee behalve met de NVOW. Op dit moment ben ik dus voorzitter van de NVOW en voorzitter van de Raad van Beheer en heb voorlopig genoeg te doen.
Buiten de Afghanen keur je ook nog de Deerhound en sinds kort de Ierse Wolfshond. Wat voor ervaring is keuren voor jou?
Gerard; Ik vind het leuk en een eer om uitgenodigd te worden. Ik mag graag keuren, anders zou ik ook niet doen. Ik doe het vooral om op die manier een bijdrage te kunnen leveren tot de instandhouding van de kwaliteit binnen een bepaald ras. Ik zeg ook bewust instandhouding, want er zit in de windhondgroep zoveel kwaliteit, dat ik alleen al tevreden ben als we het in stand kunnen houden. En daar waar het verbeterd kan worden, natuurlijk verbeteren.
Ik wil graag met plezier keuren. Als ik mooie honden zie kan ik daarvan volop van genieten. Mensen die mij goed kennen, zeggen ook dat het zichtbaar is als ik mooie honden voor mij in de ring krijg. Dan kan ik ook echt beginnen te glunderen. Als ik begin te keuren heb ik spanning, maar als ik even bezig ben gaat dat meestal wel weer. Ik heb het gevoel dat ik weet wat zoek in een ras en daarom ook vrij snel besluiten durf te nemen. Ik hou niet van onnodig show in de ring, laten we gewoon doen dan doen we al ………..
Waar heb je al mogen keuren?
Gerard; Eigenlijk realiseer ik mij dat ik met de weinige rassen die ik mag keuren al best veel gevraagd ben. Zo heb ik mogen keuren in Nederland, Duitsland en Australië.
De afghanen heb ik zelfs al op grote shows mogen keuren. Zo mocht ik de afghanen keuren op de Winner van 1997 en op de Wereldshow in Amsterdam in 2002. Daarnaast was het keuren van de afghanen in Australië ook heel bijzonder en eervol.
Kom je veel fouten tegen? Zo ja, wat voor fouten?
Gerard; Voorborst vind ik heel belangrijk, maar is niet altijd meer goed aanwezig. Soms zie je een rechte voorkant, voorhand naar voren geschoven, dat is een erge fout.
Kaken en gebitten vind ik heel belangrijk, want het is een belangrijk deel van de hond. Het gemis van krachtige kaken en de daarbij behorende compleet gebit, waardoor het oorspronkelijke werk niet meer verricht zou kunnen worden zie ik als een fout. Het missen van een P1 heb ik wat minder problemen mee. In de fok vind ik het anders, Sabine zou nooit een hond gebruiken die een tand mist.
Kortbenigheid. Mensen moeten op gaan letten dat de honden niet te laagbenig worden. Het zo typische gangwerk, ga ik toch een beetje missen. Er wordt veel gesproken over het zwevende gangwerk, maar de standaard heeft het over een veerkrachtig gangwerk. Dat is dus ook weer wat anders als een zwevend gangwerk. Je moet kracht in de beweging zien. Het juiste gangwerk, het zo bijzondere van een Afghaan, is toch wel een beetje aan het uitsterven.
Ik wil ook graag een temperamentvolle hond in de ring zien. Ik ben er van overtuigd dat een hond met temperament anders in de ring staat als een hond die geen temperament heeft, hij heeft dan een natuurlijke oosterse uitstraling. Belangrijk is dat er voldoende lucht onder de lichamen zit en dat de hoogte lengte goed in verhouding is. Rugbelijning moet op gelet gaan worden, deze moet harmonies verlopen maar ook krachtig zijn.
Wat ik absoluut niet goed vind is het scheren van een hond. Het kaal maken van onderdelen van het lichaam, zoals halzen en staarten. Dit is niet geoorloofd en zal overeenkomstig de standaard en reglementen afgestraft moeten worden. Als laatste, alles waar "te" voor komt te staan is volgens mij niet goed. Te lange hals, te lange rug enz.
Ik vind dat mensen die nieuw komen, handlers en eigenaren van honden ook eens moeten kijken naar een stukje geschiedenis van de Afghaan, zodat ze weten hoe de oorspronkelijk honden er uit zagen.
Wat vind je van de kwaliteit van de Afghanen die op dit moment in de ring verschijnen?
Gerard; Gelukkig komt deze vraag, was al bang dat ik alleen fouten kon aangeven. Als ik om me heen kijk naar alle rassen, vind ik de Afghaanse Windhond toch een van de rassen waar nog heel veel kwaliteit zit. Er wordt wel eens gekscherend gezegd, bij de afghanen geven ze alleen maar U-tjes. Dat is ook wel zo, ik vind ook dat er wel eens een keer een ZG gegeven mag worden, maar de kwaliteit bij de afghanen is ook goed. En daarmee bedoel ik niet de kwaliteit binnen één type maar de kwaliteit in de volle breedte van de afghanen populatie.
Zie je daarin een verschil met vroeger?
Ik denk dat je vroeger meer uitschieters zag, zowel naar boven als naar beneden. Het was een ras wat zich nog moest stabiliseren, een ras wat gevormd moest worden en nog kwaliteit moest krijgen in de breedte. De fokkers waren volop bezig om de eenheid in het ras te krijgen. De eenheid is toen gekomen en nu moet je proberen om die eenheid te behouden. Ik vind dat het veel meer in de breedte gegaan is en dat je nog maar weinig uitschieters naar boven en beneden hebt. Echte uitschieters zijn er wel, maar relatief minder dan in het verleden. Ik ben in elk geval zeer tevreden met de kwaliteit van de afghanen.

Wat is jou invloed daarop als keurmeester?
Gerard; Ze zeggen wel eens de fokker moet zelf bepalen, dat moet hij ook. Maar ik vind dat je als keurmeester toch een behoorlijke verantwoordelijkheid hebt. Er zijn heel veel fokkers die fokken naar de resultaten die ze behalen in de showring, renbaan of coursing.
Krijgt je hond veelvuldig ZG i.p.v. een U, dan zal je als fokker toch vaak een andere kwaliteitsslag moeten maken dan dat je altijd uitmuntend krijgt. Dus ik denk dat je als keurmeester wel degelijk invloed kan uitoefenen op de kwaliteit van het ras. Ik denk dat dat ook een van de doelstellingen moet zijn van een keurmeester.
Wat vind je van Schoonheid en Prestatie?
Sabine; Vind ik heel goed. Ik streef ook naar schoonheid en prestatie binnen het fokken, maar mij ontbreekt momenteel de tijd om buiten het showen ook nog te gaan coursen of rennen.
Jachtinstinct vind ik heel belangrijk, want het is tenslotte een werkhond.
Gerard; Voor mijn gevoel moet de fokker altijd goed in de gaten houden dat hij of zij bij het fokken van de Afghaanse Windhond schoonheid EN prestatie moet nastreven. Anders zullen in de toekomst de zo typische kenmerken van het ras verloren gaan.
Geven jullie je honden nog beweging buiten de kennel?
Sabine; Naast de beweging die ze dagelijks hebben in de zanduitloop gaan we ook iedere avond met minimaal twee wandelen. Ook ga ik veel met de honden aan de fiets.
Veel zaken gaan tegenwoordig via Internet. Er zijn chatgroepen, databases..enz. Wat vinden jullie van de invloed die Internet heeft op ons ras?
Sabine; Volgens Gerard heeft de computer veel goede kanten, maar ik vind dat het ook veel negatieve kanten heeft. De computer zou voordelen op kunnen leveren, als het gebruikt zou worden als het gebruikt hoort te worden. Als medium kan je er heel veel informatie weghalen over ons ras, zoals foto's, verhalen, uitslagen van shows enz. Maar bepaalde onderdelen zoals daar zijn de chatgroepen, hebben in mijn ogen een negatieve invloed. Er wordt niet echt gecommuniceerd. Laat ik het zo zeggen er wordt koud gecommuniceerd. Als je tegenover elkaar zit, kan je elkaar precies uitleggen wat je bedoelt en dat lukt via de e-mail niet altijd.
Dank je wel Sabine en Gerard voor dit gesprek … RMO
| Contact | Guestbook| Routedescription| Copyright| |
|